Als er één studio-product is dat de wind in zeilen heeft, dan is het wel de “channel strip”. Versta hieronder een super-mengtafelkanaal, van superieure kwaliteit dus, die over ’t algemeen een voorversterker, een equalizer en een compressor omvat. Deze maand ontvingen we de Presonus “Eureka”. Eens zien wat hij voor ons in petto heeft…
PRESENTATIE
Iedereen zou zich wel een super mengtafel willen aanschaffen. Met fantastische voorversterkers, accurate maar toch ook muzikale toonregeling, dynamische processoren van topkwaliteit… Helaas, de prijs van dit kleinood zal dit project doorgaans onbetaalbaar maken. Bij de tafel die we ons kunnen permitteren doen de voorversterkers wat ze kunnen, met de toonregeling red je’t net, en wanneer je je een waardige compressor wilt aanschaffen, moet je de zomervakantie uitstellen… Maar waarom zou je dan niet over wegen om één super-kanaal aan te kopen? Een kanaal met alle kwaliteiten om een werkelijk professionele klank te bekomen. Tenslotte zal men tegenwoordig toch slechts één instrument per keer opnemen, en dit super-kanaal kan zowel voor bas als voor gitaar, stem of ik weet niet wat nog meer ingezet worden. Daarna kan je alles gaan mengen op de computer of op je gewone mixer, en alleen al het feit dat je met een uitstekende basis-klank vertrekt zal het mixen vereenvoudigen en het eindresultaat gevoelig verbeteren. Bij optredens kun je bv. ook overwegen om dit super-kanaal voor de zanger(es) te gebruiken. Men zal de indruk hebben dat er een grote tafel werd aangewend. De stem zal mooier, helderder en verstaanbaarder worden. Het is dan ook niet verwonderlijk dat iedere fabrikant een eigen interpretatie van dit thema op de markt brengt. Soms meer en soms minder geslaagd. En hoe zit het nu met de Eureka? Laten we’t samen ontdekken.
BESCHRIJVING
Eén rack-eenheid hoog, zal hij alvast niet te veel plaats innemen. De Eureka is mat zilverkleurig met “electriciteit”-blauwe potmeters en in het midden een naald-VU-meter. Ik vermoed dat iedereen dit een geslaagd design zal vinden. Iedereen die hem in m’n studio heeft gezien liet er zich althans lovend over uit.
We kunnen het apparaat in vier delen opsplitsen. Eerst de voorversterker. Een gain-knop gaat tot 54dB (of 52? De handleiding vermeldt 52, maar de knop zelf 54). Een ledmeter biedt drie niveau’s: -20, 0 en “clip”. Een “instrument” ingangs-jack, een retro-blauw verlichte “line”-knop (we vinden deze look trouwens bij alle knoppen terug), gevolgd door een schakelaar voor de 48 Volt voeding, een 20 dB attenuator, een 80 Hz hoog-doorlaat filter, en een fase-omkeerder. Je merkt dat Presonus niks vergeten is. Kers op de taart: je hebt nog recht om te kiezen tussen vijf ingangsweerstanden (50, 150, 600, 1500 en 2500 Ohm), en op een saturatie-simulatie, die het gehalte pare harmonischen (de meest muzikale) verhoogt, om zodoende de warmte van de klank op te voeren.
De volgende afdeling is de compressor. Je vindt er de gebruikelijke regelingen voor drempel, diepte, attack en release tijd, en gain. Een “bypass” knop deactiveert de compressor en met een “soft” knop kan je desgewenst de compressor op minder agressieve wijze laten ingrijpen. Er is echter geen mogelijkheid om “in automatiek” te werken. De laatste compressor-functie is de hoog-doorlaat filter, die na de compressor tussenkomt, of nog na een apparaat dat in “side chain” staat opgesteld (een extern apparaat dus, dat in het signaal ingelast wordt). Deze filter zou de bassen kunnen terugdringen, die mogelijks na compressie de kop opsteken. De handleiding geeft hier geen uitleg over, wat jammer is.
De parametrische toonregeling bevat drie keer drie parameters: je kunt op drie frequenties inwerken, met telkens een regeling van de bandbreedte (van 3 tot 2/3 oktaven) en een versterking/verzwakking van 10dB. Sommige haarklievers zullen opwerpen dat men over ’t algemeen met 15dB kan spelen. Bedenk echter wel dat, wanneer je je klank dermate fors moet gaan kneden, er wel degelijk iets aan de basis schort. Wat er hier geboden wordt volstaat dus ruimschoots. Er is de volgende frequentie-keuze: van 20Hz tot 300 Hz, van 200 Hz tot 3kHz en van 2kHz tot 20kHz. Moeilijk om hiermee niet je gading te vinden, maar je zou je eventueel wel een smallere “Q” kunnen wensen, en misschien ook de mogelijkheid om de toonregeling om te schakelen naar een eenvoudig shelving type (laag en hoog). OK, ik zift muggen, maar da’s nu eenmaal m’n job. De equalizer kan uitgeschakeld worden, en je kunt kiezen of je’m voor of na de compressor wilt hebben. Dit verhoogt alweer de mogelijkheden en is dus een goed idee.Tot slot vind je hier ook een master volume potmeter terug, waarmee je het signaal 70dB kunt optrekken of 10dB verzwakken. Ook hier verschillen de cijfers op het apparaat van deze in de handleiding. Los daarvan, stellen we vast dat er, met de knop in z’n minimale stand, volkomen niks meer te horen valt. Een laatste knop laat de VU-meter ofwel het volume aanduiden ofwel de gain-reductie voor de compressor.
Aan de achterkant zijn de zaken vrij eenvoudig. IEC aansluiting voor de voeding, on/off schakelaar, symmetrische uitgang op XLR of TRS jack. Er is ook een send en return over jack en tenslotte een XLR ingang voor microfoon en een lijningang op jack. In optie kan je in je Eureka een analoog/digitaal conversiekaart laten inbouwen.
GEBRUIK
De aansluiting gebeurt probleemloos. Je hoeft er de handleiding zelfs niet voor te raadplegen. Uiteraard heb ik dit voor jou toch gedaan, en werd toch lichtjes ontgoocheld. Onvolledig en wat in mekaar geknoeid, als je’t mij vraagt. Maar goed, dit soort apparaten is gelukkig erg eenvoudig te begrijpen.
Ik heb de uitgang van de Eureka dus rechtstreeks in m’n recorder geplugd, zonder via de mengtafel te passeren. Herinner je je nog: dit apparaat IS ook een mengtafel… maar dan met slechts één kanaal! Ik heb een microfoon ingeplugd, en vervolgens trok de imedantie-knop m’n aandacht. Nadat ik de impedantie van microfoon (150 Ohm) had opgezocht in diens handleiding, stemde ik de Eureka op dezelfde waarde af. Vervolgens draaide ik aan de potmeter, waardoor de klank subtiel genuanceerd werd. Subtiel, maar desalniettemin goed hoorbaar. Vervolgens ging ik wat spelen met de saturatie-knop, die eveneens op progressieve wijze de klank kleurde, hem stelselmatig warmer makend, maar tevens ook een beetje mistig. Met deze knop op minimum is de klank kristalhelder. Bijna te koel, maar zonder twijfel nuttig in sommige omstandigheden. Er is van geen enkele ruis sprake, noch van enige brom of welk ander parasietgeluid dan ook. Zelfs bij zeer hoog beluisteringsniveau blijft de basisruis minimaal. De compressor grijpt kwasi onhoorbaar in op de stem, en dat is een goeie zaak. Hij komt nochtans goed tussenbeide, maar zonder kunstgrepen of pompeffect, voor zover je weet hoe je een compressor moet regelen. Voor het overige zou een automatische functie welkom zijn.
De equalizer is eenvoudig in gebruik, je vindt makkelijk de gewenste klank. De kleine extra’s die dit apparaat biedt (saturatie, impedantie, filters, signaalverloop) zijn geen gadgets, maar wel degelijk een uitbreiding van de signaalbewerkingsmogelijkheden. Toch heb ik een kleine reserve bij de equalizer: de gain-knoppen van de drie frequenties zijn niet ingekeept bij hun nulpunt (in neutrale stand), wat ik wat genant vind, het werkt eenvoudiger wanneer deze positie duidelijk aangegeven wordt. En terwijl ik nu toch kritiek aan ’t geven ben, zou het gain-niveau toch ietwat hoger mogen liggen. Zo zou je ook met minder gevoelige microfoons kunnen opnemen of instrumenten kunnen registreren die slechts een zeer laag volume produceren.
KLANKKWALITEIT
Uiteraard is dit een belangrijk hoofdstuk, in dit geval zelfs het allerbelangrijkste. Daarom hou ik je niet langer in spanning. De klank van de Eureka zal je niet ontgoochelen: transparant, ademend en heel erg zuiver. Presonus heeft (nog) niet de reputatie van enkele gekende merken met een sinds jaar en dag torenhoog imago. Nochtans mogen we stellen dat het concept erg compleet en goed doordacht is. En er zijn de kleine extra’s die de andere merken niet aanbieden. Presonus zal in deze prijsklasse dan ook zonder enige twijfel z’n plaats opeisen. Zeker met een apparaat dat zo intuïtief te bedienen valt, zo goed geconstrueerd is en er zo leuk uitziet. Ik heb met verschillende microfoons geëxperimenteerd alsook met een gitaar via de “instrument” ingang. In alle gevallen bestond er geen twijfel over dat het resultaat ver superieur was aan wat je met een mengtafel bekomt. Je moet je realiseren dat een 24-kanaals mengtafel met een dergelijke kwaliteit al gauw zoveel kost als een middenklasse auto. Wat ik echt wel kan appreciëren was dat ik met de impedantie kon gaan spelen, want zo kon ik echt de klank veranderen (soms in slechte zin, maar ook dat kan creatief aangewend worden). En de “stauratie” knop doet heel wat meer dan eenvoudigweg vervorming creëren. Kortom, als je oren aan je kop hebt, doe ze dan open en ga bij je winkelier naar de Eureka luisteren. Zeker vermits de prijs erg democratisch is en je dus niet riskeert om je de toorn van je bankier of echtgeno(o)t(e) op de hals te halen.
BESLUIT
Je zou kunnen stellen dat Presonus met alweer een “channel strip” op de markt komt. Inderdaad. Maar dit kun je voor zowat alle (al dan niet audio-)produkten stellen die ons omringen. Weer en gitaar, weer een auto, enz. De verdienste van de Eureka ligt er mijns inzien in, dat hier een compleet instrument wordt aangeboden, met toevoeging van enkele ingrediënten die toch wel tot een origineel geheel leiden. Niets beter dan zelf te gaan luisteren, maar ik wed erop dat je je zal laten verleiden.