Meet Music Magazine Homepage
Reviews
Abonneren
Zoekertjes
Verdeelpunten
Contact
Pro Sound and Light
Meet Music Magazine review: Laney Cub 8 & 10
       Laney Cub 8 & 10
[ Auteur: Stéphane Landtmeters ]  [ Editie: Nr.253 - Januari 2010 ]
Vandaag mag ik wederom een vervolg breien aan de ‘laag wattage buizenversterker’-soap. En omdat deze zin mogelijks negatief kan overkomen, voeg ik er meteen aan toe dat het voor mij een plezier is om deze amps te testen. Die lage vermogens bieden namelijk enkele voordelen die we samen gaan overlopen terwijl we de Cub 8 en Cub 10 van het Engelse merk Laney aan de tand voelen.

CONCEPT

Het cijfer in de naam slaat op de diameter van de luidspreker, respectievelijk dus 8 en 10 inch. Het gaat hier met andere woorden over compacte buizencombo’s. De Cub 8 biedt een vermogen van 5W, dat bekomen wordt met 1 x ECC83 in de preamp en 1 x 6V6 tube in de eindtrap (Class A schakeling). Voor de Cub 10 mag je alles met twee vermenigvuldigen: 10W met 2 x ECC83 en 2 x 6V6 (Class A/B schakeling).

HANDLEIDING


De kleine, maar volledige handleiding is erg overzichtelijk. Hij is enkel in het Engels, maar de waarschuwingen in verband met de veiligheid werden wel vertaald in vier talen (Engels, Frans, Spaans en Duits). Verder wordt er begonnen met een inleiding over de Cub versterkers, gevolgd door een overzicht en uitleg van alle aanwezige features. Ten slotte zijn er nog enkele handige tips in verband met buizenversterkers (hoe je ermee moet omgaan en enkele onderhoudstips).

BOUW & VORMGEVING


Beide cabinets zijn opgetrokken uit multiplex van 12mm en bekleed met zwarte, lederachtige tolex. Er zijn ook stoothoeken, die weliswaar van plastic zijn, maar die toch al een redelijke bescherming bieden. Het speakerdoek is min of meer beige van kleur en zorgt daarmee voor een stijlvolle look. Het bedieningspaneel is chocoladebruin met crèmekleurige ‘chickenhead’ knoppen. Het meest opvallende constructiekenmerk is toch wel de metalen beschermgrill die zowat heel de achterzijde van deze combo’s omvat. Hiermee zijn niet alleen de buizen en de speaker beschermd, maar zo vermijd je ook dat er lege pakjes snaren en/of verfrommelde playlists in terecht komen. Het netsnoer? Daar is ook aan gedacht, want er is een uitsparing voorzien in de grill zodat je deze met een velcro kunt bevestigen. Bovenop het cabinet zit nog een stevig, rubberen handvat dat meteen goed aanvoelt wanneer je de Cub optilt.

MOGELIJKHEDEN


We beginnen met de knoppen en dat zijn er twee voor de Cub 8 en drie voor de Cub 10. Op de Cub 8 zien we een tone en volume regelaar. Bij de Cub 10 is er ook nog een gain regelaar. De tone regelaar kun je best vergelijken met die van je gitaar. Hij regelt het algemeen klankbeeld: naar links is doffer of warmer, naar rechts is helderder (scherper). Op de Cub 10 is er een gain regelaar waarmee je de hoeveelheid oversturing van de voorversterker kunt regelen. Spijtig genoeg ontbreekt deze functie op de Cub 8 en dat is jammer want deze functie maakt deze versterker pas echt veelzijdig. Tot slot is er de volume regelaar die op beide modellen zit. Hiermee regel je uiteraard het volume. Bij dit soort buizenversterkers krijg je, dankzij het lage vermogen, al vrij snel eindtrapoversturing, en dat is net waar we zo van houden, nietwaar (denk aan ACDC of Led Zeppelin qua sound)? En opnieuw door het lage vermogen blijft het volume al bij al binnen de perken. Handig dus dat we niet, zoals bij buizenamps met meer vermogen (50W en meer), zo luid moeten spelen om de klank tot zijn recht te laten komen.

AANSLUITINGEN


Ook dat zijn er drie, zowel voor de Cub 8 als de Cub 10. Op het bedieningspaneel zijn er twee gitaar inputs: een ‘HI’ en een ‘LO’. Hiermee kun je kiezen hoe de versterker reageert op je gitaarspel en de elementen van je gitaar. De LO-ingang overstuurt minder snel, terwijl de HI-ingang dit wel doet, en bovendien ook wat gefilterd wordt in het laag, om te vermijden dat de klank te wollig zou worden bij gitaren met een hoge output.
Goed verborgen achteraan, in het opbergvakje voor het netsnoer, is er nog een aansluiting voor een externe speaker. Hier worden deze versterkers pas echt interessant, want je kunt er dus een extern cabinet aan hangen: 1x12”, 2x12” of zelfs een 4x12”. Uiteraard is de klank veel grootser en voller met dergelijke cabinets dan met de ingebouwde 1x8” of 1x10” speakers.

KLANK


Wel, hier gaat het toch vooral om, nietwaar? We beginnen met de Cub 8, zonder gain regelaar dus. De eerste helft van de volume regelaar blijft de klank relatief clean (afhankelijk van de gekozen input en de ouput van je gitaar). Hoe verder naar rechts, hoe meer oversturing. We horen een typische eindtrapoversturing die resulteert in erg goede dynamics en respons. Je kunt gaan twisten over hoe je deze klank best kunt omschrijven, maar wat ik vooral onthoud is de term ‘retro’ en het sprankelend hoog van de Class A schakeling. De tone regeling werkt op een erg muzikale manier en laat iets meer hoog door dan de tone van je gitaar wanneer je hem dicht draait. Voor jazzy toestanden is het een welgekome partner omdat je hiermee niet alles wegdraait. Je houdt dus wel degelijk nog een klankkleur over, wat vaak niet het geval is wanneer je met de gitaar tone werkt. Ook voor overstuurde klanken werkt de tone prima, van een warme ronde kleur naar een heldere, of zelfs ietwat agressieve klank. Het grootste nadeel van de Cub 8 is zijn kleine luidspreker. Daardoor klinkt hij echt klein en doet hij toch nog denken aan goedkope oefenversterkertjes. Soms kan dit echter een voordeel zijn, wanneer je net een kleine klank voor ogen hebt. Toevallig moest ik net ten tijde van deze test een studiosessie doen waarbij ik op zoek was naar zo’n geluid, en de Cub 8 kwam hierbij prima van pas. Zoals eerder gezegd is het wel mogelijk om de Cub 8 op een extern speaker cabinet aan te sluiten. Hierdoor ben je meteen van het kleine geluid af, en kun je haast niet geloven dat je op een 5W kubusje aan het spelen bent.
Bij de Cub 10 is het geluid al een pak ‘groter’ dan bij de Cub 8. Ten eerste is er de 10 inch speaker die al veel beter draagt in het laag, maar ook de Class A/B schakeling is hier mee verantwoordelijk voor. De tone en volume regelaar kun je perfect vergelijken met die van de Cub 8. Het grote verschil zit hem in de gain regelaar, want hierdoor kun je ook overstuurde klanken maken op laag volume. De klankkleur is minder agressief in het hoog, en ook iets ‘moderner’. Door echter te gaan spelen met gain en volume (veel volume, minder gain; gain en volume in het midden; veel volume en weinig gain; volume en gain op maximum; enz), krijg je een erg breed en bruikbaar klankpallet waarmee je zowel je cleane als je overstuurde klanken naar smaak kunt afstellen. De Cub 10 gaat ook een stuk luider dan zijn 5watt broertje. Waarschijnlijk kun je er net mee weg komen voor een repetitie of een café-optreden, wat dan weer moeilijker zou zijn met de Cub 8. Maar beide zijn wel perfect inzetbaar in de studio.

BUDGET & CONCLUSIE


De Cub 8 kost je 182 euro, terwijl zijn grotere broer voor 233 euro over de toonbank gaat (bruto adviesprijzen, exclusief btw). Veel transistor oefenversterkertjes zitten in dezelfde prijsklasse. Maar hier krijg je wel een volwaardige Class A of Class A/B buizen amp, die ook gebouwd is zoals een buizen amp hoort te zijn. Ok, er zijn misschien iets minder mogelijkheden dan bij transistor amps (geen reverb, slechts één kanaal) maar de klank is zoveel beter, warmer, rijker. Voor mij is de keuze dan ook snel gemaakt. Mijn voorkeur gaat vooral naar de Cub 10 omdat hij toch een stuk volwassener klinkt en meer klankmogelijkheden biedt dankzij de gain regelaar. Jammer dat deze ontbreekt op de Cub 8. Maar om af te ronden wil ik toch het voortreffelijke werk van Laney benadrukken, samen met de scherpe prijsstelling. Ben je dus op zoek naar een compacte buizenamp, die dienst kan doen in de woonkamer, de studio of zelfs de repetitieruimte, dan moet je zeker eens de Laney Cub serie gaan testen.


PROCONTRA
  • bouw en afwerking
  • buizen klank (respons, dynamiek, eindtrap oversturing)
  • prijs
  • externe speakeraansluiting
  • geen gain regelaar op de Cub 8